Bouwmarkt

Laatst liep ik met mijn mandje, doelgericht en zelfbewust gevuld met schroeven, lange schroefbitjes, een emmer lijm, verf en rollers, door de bouwmarkt. In een van de gangen stond een medewerker die toen ik hem passeerde zei: “Kunt u het ook allemaal vinden, mevrouw?”

Een vraag is nooit zomaar een vraag. In een fractie van een seconde deed ik aan close reading van zijn mededeling. Alsof het literatuur was. Alsof het pure poëzie was. Alsof het een belangrijke vraag was en ik er even voor ging zitten om te interpreteren wat de expliciete en impliciete boodschap was. Waarom stelde hij die vraag? Waarom stelde hij die vraag aan mij?

Misschien bedoelde hij: “Ik ben een klantvriendelijke, proactieve medewerker, die in het voorbijgaan, even tussendoor, mijn hulp aanbiedt, want daar ben ik voor aangenomen en ik ben trots op mijn werk, mijn werkgever en de hele branche van bouwmarkten, waar wij klantvriendelijkheid hoog in het vaandel dragen.” Hierop reageerde ik met: “Ja, hoor!”, met een blij verraste uitdrukking waarmee ik liet blijken dat ik bijzonder goed mijn weg had gevonden en dankbaar was dat iemand naar mijn welbevinden had gevraagd.

Misschien bedoelde hij: “Alle andere mensen kunnen hier alles vinden, maar kunt ú het óok vinden? Ik zou het vervelend vinden als ú het niet zou kunnen vinden, want als er mensen zijn die een beetje hulp nodig hebben, dan is dat helemaal geen schande.” Hierop reageerde ik met: “Ja, hoor!”, met de zelfverzekerde toon van iemand die kind aan huis is in de bouwmarkt, altijd alles kan vinden en nooit hulp nodig heeft. Ik koop tenslotte al decennialang schroeven.

In de tijd dat ik mijn eerste zaagmachine, frees en accuschroevendraaier kocht was ik doelbewust in mijn machinewens, maar wat bleu in winkels en ging mijn vriend vaak mee. We zeiden dan wel dat de machine voor mij was, maar als ik een vraag stelde over toerentallen, wattages en geleiderails, dan gaf de man - het was altijd een man - van de winkel antwoord aan mijn vriend. Toen waren er (gelukkig) nog geen “dames roze” gereedschapskisten en machines om klussen laagdrempelig te maken voor vrouwen.

Hoorde ik de man in de bouwmarkt misschien denken: “Een vrouw is geen klusser. Vrouwen zijn niet van nature handig, die moet je de weg wijzen. Op grond van geslacht en leeftijd kun je er van uit gaan dat ze niet weten hoe je een schroevendraaier hanteert en welk bitje bij welke schroef hoort. Maar het zijn ook mensen en klanten bovendien. Dus ik vraag het maar even: ‘Kunt u het ook allemaal vinden, mevrouw?’” Mijn antwoord was: “Ja, hoor!” En ik dacht: waar bemoei je je mee.