Fietsje

Kunst kijken kan ik niet meer uitzetten. Daarom kijk ik soms naar dingen die duidelijk niet bedoeld zijn als kunst, toch met het oog van een kunstbeschouwer. Ik denk: wat heeft de kunstenaar bedoeld?

Dat had ik laatst toen ik in een klein voortuintje, op een hekje, een miniatuurfiets zag balanceren. Aan de wielen waren aan de rechterkant plastic emmertjes gemonteerd. De emmertjes waren leeg en de zon scheen er een klein beetje doorheen. Onderin de emmers zaten peuken.

Ik heb wel een idee hoe de fabrikant van dit fietssetje het heeft bedoeld. Je zet het fietsje met bloembakjes eraan in je tuin, op een tafeltje of terras. Je zet er vrolijke bloemen in - ik denk aan viooltjes - en het fietsje verhoogt de feestvreugde. Een fiets roept associaties op met mooi weer, buiten zijn, vrijheid van bewegen met de wind in je haren. Voor deze betekenissen hoeft de fiets niet functioneel te zijn. Ketting, trappers, draaivermogen van wielen mogen ontbreken. Een afbeelding volstaat.

Dan de kwestie kunst. Alles aan en rond een kunstwerk beïnvloedt de betekenis daarvan. Waar het van gemaakt is, wat het voorstelt en hoe het geplaatst wordt in de ruimte. Door Marcel Duchamp weet ik dat als je een dagelijks voorwerp in een andere context plaatst of er iets aan verandert, de hele betekenis van zo’n voorwerp verandert. Denk aan zijn allerbekendste werk: het urinoir, dat hij in een museumzaal plaatste en daarmee tot kunst maakte.

Ik kijk weer naar de fiets op het hekje. De kunstenaar heeft hier een paar grote ingrepen gedaan in het oorspronkelijke concept van de fabrikant. De kunstenaar heeft de bloemen uit de potjes getrokken, die nu leeg en nutteloos zijn. In plaats van een fiets die nonchalant tegen een bloempot staat geparkeerd is het nu een fiets die door twee lege emmers onmogelijk meer kan rijden. Door de fiets op het hekje te plaatsen hellen de emmertjes gevaarlijk over de rand. Ze zien er uit alsof ze de fiets zo in de afgrond kunnen trekken. Ik denk dat de geblokkeerde fiets symbool staat voor een leven waarin de kunstenaar ook niet meer vooruit komt. Je zou wel willen fietsen met wind in de rug, maar zelfs op een hometrainer voel je je vrijer dan op deze fiets.

En dan die peuken. Die vormen weer een nieuwe betekenislaag. Een fiets waarop je niet eens meer in gedachten kunt fietsen, daar heb je nog minder aan, dan aan een symbolisch goed functionerend exemplaar. Wat kun je dan nog? In je voortuin naast de gemankeerde fiets staan, een sigaretje roken en je peuk in het emmertje gooien. Wat ook wel weer functioneel is, eigenlijk.