Gaten boren

We woonden in rijtjeshuis. Ergens in het midden. Twee huizen de ene kant ernaast en drie aan de andere kant. Door hoe de huizen aan elkaar zaten kon contactgeluid zich vrijelijk door het gehele blok verplaatsen. Je kon nooit precies horen in welk huis er werd geboord. Het klonk altijd alsof je er naast stond. Twee van de huizen werden bewoond door studenten. Daar wisselden de huurders regelmatig. Ik vermoed dat ze in hun huurcontract hadden staan dat je toestemming had om 15 nieuwe gaten te boren. En iedereen maakte gebruik van die mogelijkheid. Dat ging niet zonder slag of stoot. Erg hard beton met kiezels erin laat zich niet makkelijk bedwingen door een goedkope boor en niet iedereen heeft een betere boor in de familie.

Onze buurman E snauwde ons toe wanneer we nou eens klaar waren met dat boren van gaten, want ze werden er gek van. Wij ook, maar wij hadden na de verhuisweek nooit meer een gat geboord, want geen doen met dat beton. Ontkennen dat wij de boorders waren had geen zin, het was onze herrie in zijn ogen.

Op een dag is deze buurman E ook eens bezig een gat te boren. Ik was niet thuis, maar ik hoorde dit achteraf van zijn buurman M van de andere kant. Die had wel een goede boor, die het beton kon bedwingen. M hoorde het vruchteloze en oeverloze geratel en dacht: “Weet je wat, ik ga mijn buurman een plezier doen en hem mijn boor uitlenen.” Zo geschiedde. Hij belde aan en zei: “Ik hoor dat het wat moeizaam gaat met het boren, wil je misschien mijn boor lenen? Die gaat door het beton als door boter.” In plaats van de verwachte waardering voor zijn geste kreeg hij nog net geen snauw, maar nee, die boor was niet nodig, het ging zo ook wel. Hij kon met zijn boor weer naar huis.

Toen M het verhaal vertelde kon hij er maar niet over uit: “Ik wilde alleen maar iets aardigs doen en helpen. Ik snap niet waarom hij die boor niet even wilde lenen. Ik zie alleen maar voordelen: hij is sneller klaar en ik hoef korter naar de herrie te luisteren.” Ik zie het voor me: twee mannen aan de deur, beide met een boor in de hand. De ene met opgewekte gemeenschapszin en de andere met een sceptische blik in de ogen. Het aangeboden krijgen van een betere boor werd door buurman E niet opgevat als een mooi gebaar van een goede buur, maar als een afwijzing van de eigen boor. Hij hoorde de woorden, maar verstond: “Ik kan zo door de muren heen horen dat je een boor van niks hebt. Wil je de mijne lenen? Die is veel groter en beter dan je jouwe.” Sommige mensen worden daar boos van, hoe vriendelijk je er ook bij kijkt.